Monday, February 27, 2017

Julius Evola, profeet van het Blok?

      
(Trends, 18-05-1995)
(editoriaal voorwoord: )
Julius Evola, de Italiaanse radikaal-rechtse denker en voorman, zou de inspirator zijn van het Vlaams Blok met zijn — terecht — gewraakte vreemdelingenprogramma.

(artikel: )
Vooreerst: wie is wie? Julius Evola werd in 1898 geboren uit een adellijke Siciliaanse familie. Tijdens de opgang van Benito Mussolini en diens Nationale Fascistische Partij was hij niet op het politieke maar op het artistieke front bedrijvig, als dadaïstisch dichter en schilder.

Pas in 1927 benaderde hij een fascistisch blad om er enkele artikels te publiceren. Hij viel er dra weer uit de gratie wegens zijn fel antikristelijk essay Heidens imperialisme (we geven de boektitels hier in het Nederlands, hoewel er meestal alleen Franse vertalingen uitgegeven zijn), dat niet paste in de toenaderingspolitiek van het regime met de Kerk. In 1930 startte hij het tijdschrift La Torre, dat te onafhankelijk bleek voor het regime. Het derde nummer werd verboden wegens zijn kritiek op de natalistische regeringspolitiek (Evola verkoos kwaliteit boven kwantiteit), en na tien nummers werd het tijdschrift opgedoekt omdat alle drukkerijen op bevel van hogerhand hun medewerking weigerden.

Evola definieerde zich niet als fascist maar als "integraal traditionalist". Centraal stond de idee van de "primordiale traditie", die alle echte kulturen doordesemde, en die ook op maatschappelijk vlak een welbepaalde, sakrale orde inhield. De heersersplaats kwam niet toe aan de geldmachten maar aan een kaste van krijgers, gemodelleerd naar het middeleeuwse ridderideaal of het Japanse samoerai-type. Dit hoogdravende ideaal zag hij absoluut niet verwezenlijkt in de regimes van Mussolini en Hitler, die hij tot eigen schade bemand zag door zeer middelmatige en conformistische figuren.


RACISME.

Na bemiddeling van enkele sympatizanten binnen het regime kon Evola weer in enkele fascistische bladen publiceren, maar invloed op het beleid zou hij nooit krijgen. Hij liet zich in 1937 wel flink opmerken met zijn boek De mythe van het bloed, een overzicht van de rassenteorieën van Plato tot Alfred Rosenberg. Het fascisme was in oorsprong niet racistisch, maar na het verbond met nazi-Duitsland in 1936 deden de Italianen hun best om de Duitsers bij te benen. Hij verzorgde ook een Italiaanse uitgave van de antisemitische vervalsing Protokollen van de wijzen van Zion. In het voorwoord erkende hij dat de autenticiteit van dit werk problematisch was, maar hij suggereerde dat de destruktieve kontrolestrategieën die het werk aan het wereldjodendom toeschreef, toch wel klopten met de vastgestelde afbrokkeling van de traditionele samenleving sedert de 18de eeuw, ook al ging het dan niet om een in een achterkamertje bekokstoofd komplot. Evola kreeg erkenning vanwege de Duce in 1941 met zijn boek Syntese van de rassenleer: eindelijk een subtieler, spiritueler, echt Italiaans antwoord op het Duitse, louter biologische, kwasi-wetenschappelijke en typisch moderne racisme! Zo poneerde hij naast een lichamelijke ook een geestelijke erfelijkheid, en hij verwierp het volledig genetisch determinisme vanuit zijn geloof in de individuele wilskracht.

Intussen had Evola kontakten gelegd in nazi-Duitsland. Daar werd zijn boek Revolte tegen de moderne wereld (1934), de systematische uiteenzetting van zijn traditionalistische visie, meteen een laaiend sukses. Hoewel hij de nazi's soms scherp bekritizeerde, bleef hij altijd een graag gezien medewerker bij de "wetenschappelijke" afdeling van de SS, in wier opdracht hij, zelfs tijdens de oorlog, onderzoek deed naar allerlei esoterische onderwerpen : alchemie, rituelen, Tempeliers, Graallegende, Vrijmetselarij.

Het was tijdens zo'n onderzoek dat hij in 1945 in Wenen bij een bombardement zwaar gewond werd aan de ruggegraat. Hij zou verlamd blijven aan de onderste ledematen en tot zijn dood in 1974 op een appartement in Rome wonen. Van daar uit zou hij nog merkwaardige filosofische studies schrijven, zoals De tijger berijden en Metafysika van de seksualiteit. De neofascistische partij Movimento Sociale Italiano (MSI) bleef hem tot aan haar opheffing in 1994 als denkmeester beschouwen, ondermeer om zijn boek De mensen temidden van de ruïnes, een herformulering van zijn antimoderne visie na de vernedering van Europa door de dragers bij uitstek van de moderniteit, de VS en de USSR.

Evola 's belangrijkste bijdrage tot een goed begrip van het fascisme is zijn evaluatie post factum, Het fascisme gezien vanuit rechts standpunt. Daarin valt hij de volgende elementen van het fascisme aan als zijnde antitraditioneel : het jakobijns nationalisme dat het standenonderscheid binnen de natie minimalizeert, het totalitarisme, het laïcisme dat een onnodige tegenstelling tussen het sakrale en het politieke kreëert, het socialisme, de persoonlijkheidskultus (men eert niet de koning maar het koningschap), en de natalistische kultus van het aantal. Het fascisme was een typisch moderne antiliberale stroming, terwijl Evola zich bekende tot een premodern antiliberalisme, aansluitend op het ancien régime, toen een transnationale adel Europa beheerste zonder oog voor nationale identiteit noch voor de inbreng van de massa's.

Wie vandaag ietwat respektabel met Evola wil uitpakken, zet graag dik in de verf dat zijn held in konflikt kwam met het officiële fascisme en nazisme. Bekijkt men zijn dissidentie van naderbij, dan moet men toegeven dat ze hem nauwelijks salonfähiger maakt. Spijts nuanceverschillen was Evola evenzeer racist, antisemiet en antidemokraat ; wie toch met Evola wil dwepen, gelieve die duidelijke stellingnamen niet weg te moffelen en er zich ondubbelzinnig over uit te spreken.



EVOLA IS DOOD.

Julius Evola is volgens bepaalde auteurs de inspiratiebron van de geheime agenda van het Vlaams Blok. De VB-mandataris die in dat verband het meest genoemd wordt, Roeland Raes, blijkt echter slechts enkele van de talrijke werken van Evola gelezen te hebben, en niet eens met onverdeelde goedkeuring.

Telefonisch verklaarde hij aan Trends : "Wat mij bij Evola wel aanspreekt, is zijn idee van een oeroude traditie met blijvende waarde, en zijn Europese gedachte. Zijn afwijzing van de demokratie en de partijpolitiek, ja, daar kunnen we hem als demokratische politieke partij natuurlijk niet in volgen. Ook zijn aristokratisch zgn. horizontaal racisme, het idee dat de elites van alle volkeren meer met elkaar gemeen hebben dan met de lagere klassen van hun eigen volk, dat staat haaks op ons volksnationalisme. Ik voel mij meer betrokken bij mijn volksgenoten van eender welke klasse, dan bij vreemdelingen. Voor Evola 's aristokratische doelstellingen heeft partijpolitiek engagement natuurlijk niet veel nut, maar wij ondervinden dat onze partijwerking voor de belangen van het hele Vlaamse volk wel degelijk verschil maakt. "

Er heeft ooit een Belgische Evola -kring bestaan, het Centro Studi Evoliani, met als voornaamste denker aan Vlaamse kant Frank Govaerts (die inmiddels door een migrant vermoord werd). Deze kring publiceerde in 1982 de enige Nederlandse vertaling van een fundamenteel werk van Evola , met voorwoord van Roeland Raes : Oriëntaties, een in 1950 geschreven, weinig konkrete brochure over de opties voor een nieuwe antimoderne beweging. Daarin roept Evola de nieuwe generatie op, radikaal te zijn en zich niet in het web van de burgerlijke politiek te laten vangen, "niet te bezwijken onder de verlokkingen van het valse politiek realisme, eigen aan elke partij".

Onder de overlevenden van de werkgroep blijkt inderdaad een erg Evoliaanse minachting voor partijpolitiek te bestaan, en in het biezonder voor het VB. Een Evola -kenner die om beroepsredenen zijn naam niet in de krant wil, legt ons uit : "Tussen het intellektueel niveau van het VB en de visie en eruditie van een Evola is uiteraard al geen vergelijking mogelijk. Aan het VB een traditionalistische inspiratie toeschrijven is, vrees ik, een schromelijke overschatting van de leeskultuur der VB'ers. Maar het is vooral in politieke oriëntatie dat het VB volledig afwijkt van de Evola -lijn. Wie aan de partijpolitiek meedoet, wie naar de stemmen van de massa dingt, die geeft zich al gewonnen aan het huidige liberaal-demokratische bestel. Evola geloofde in metapolitieke aktie, het scheppen van een geestelijk klimaat, waarna de strukturen vanzelf wel zullen veranderen. "

Als men vandaag Evola leest, vindt men vóór zich niet een VB-programma avant-la-lettre, maar stelt men integendeel vast dat er een wereld van verschil ligt tussen de jaren '30 en de jaren '90. Evola beleed één van de vele rassenteorieën die toen floreerden op de ondergrond van een vaag-racistische consensus, en deze werd vóór de dekolonizatie ook gedeeld door o.m. de demokratische koloniale mogendheden, door Karl Marx, en zelfs in de jaren '50 nog door onze latere anti-apartheidsaktivist Aster Berkhof. Omdat die racistische consensus is weggevallen, kan men (zoals de Nederlandse politoloog van Pools-joodse afkomst Michel Korzec al meermalen betoogd heeft in zijn column in Elseviers), veilig voorspellen dat de terugkeer van een politiek gevaarlijke rassenleer gewoon niet aan de orde is.

Ook tegenover de demokratie is de situatie grondig veranderd. Toen bestond er in sommige landen nog een aristokratie die zich scherp van de burgerij onderscheidde en haar pre-moderne en antidemokratische identiteit kultiveerde, b.v. de Pruisische Junkers, of Evola zelf. Toen was het onder intellektuelen nog gemeengoed, de prille politieke emancipatie van de volksklassen af te doen als een "opstand der horden". De politieke schandalen dienden toen als bevestiging van een bestaand en doordacht misprijzen voor de demokratie zelf, vandaag alleen om binnen het demokratisch bestel bepaalde personen te wraken. Het moeizame begin van jonge demokratieën in b.v. de ex-Sovjet-Unie toont aan dat er voor een veerkrachtige demokratie minstens één generatie praktijkervaring nodig is ; maar het Westen heeft die weg inmiddels afgelegd, en de demokratie heeft hier stevig wortel geschoten. Julius Evola is werkelijk dood.



kader:

KULTURELE SLACHTOFFERS.

In Antwerpen is de swastika terug : zoek hem in het familieschrijn thuis bij Indiase diamantairs die tot de jain-religie behoren. Ook in boeddhatempels van Tibet tot Californië tiert dit rode of gouden zonnesymbool welig, vaak in het gezelschap van een aardesymbool : de sri yantra of zespuntige ster. Terecht negeren Aziaten het feit dat bepaalde westerlingen hun swastika ontleend, verkeerd begrepen, zwart gemaakt en besmeurd hebben. De swastika (Sanskrit : "voorspoed-teken") zal steeds vaker en openlijker in ons multikultureel straatbeeld verschijnen, met hetzelfde recht als het kruis of de wassende maan.

De bijlbundel of fasces (die het Zwitserse kanton Sankt Gallen nog steeds in zijn vlag voert) was een symbool van de vrijheidslievende Romeinse republiek, en heeft niets met het Leidersprincipe te maken, net zo min als de olympische groet, het runenschrift of het Keltisch kruis. Wodan was geen antisemiet. Het woord Arisch heeft in zijn Sanskrit grondvorm niets met ras te maken, doch betekent "beschaafd" of "edel", b.v. in de zachtmoedige "vier edele waarheden" van het boeddhisme. Nazisme en fascisme hebben tal van onschuldige termen en symbolen uit andere tijdperken en kulturen (tot en met de vruchtbaarheid, de viriele kracht, de natuur) belast met hun obsessies, dus met aanslepende en ongerechtvaardigde negatieve associaties.

Julius Evola neemt in dat proces een ambigue positie in. Hij was een criticus van allerlei beunhazerijen die bij teosofen en okkultisten opgeld maakten, maar toch projekteerde ook hij modieuze westerse ideeën op vreemd kultuurgoed. Zo beschrijft hij het taoïsme als een "initiatieke" weg (cfr. de Vrijmetselarij). Van het Indiase kastestelsel beweert hij, met de martiale obsessie die zo typisch is voor het interbellum, dat de krijgerskaste er boven de priesterkaste staat, en dat het hele systeem op een soort raciale apartheid gebaseerd is ; de reïnkarnatieleer is dan een bedenksel van de "vóór-Arische" bevolkingsgroepen. Hij negeert het demokratische element in vele traditionele samenlevingen : de Afrikaanse palaver, de Germaanse landdag. Het is geen goede zaak dat men in bepaalde rechtse kringen vreemde kulturen nog steeds niet eerstehands bestudeert, maar alleen via de verouderde en verre van neutrale Evola-bril.

No comments:

Post a Comment